Omdat elke seconde telt!

Actua nieuws

Sinds enkele maanden is de dienst Urgentie overgeschakeld van medische naar verpleegkundig gestuurde triage. Verpleegkundigen met een bijzondere beroepstitel hebben nu de bevoegdheid om binnenkomende patiënten in te 
delen volgens hoogdringendheid. Deze aanpak optimaliseert de patiëntenstromen op de dienst, ook op drukke dagen. Zorgmanager Kris Malefason en adjunct-hoofdverpleegkundige Dorien Demunter hebben mee de schouders gezet onder de implementatie.

ESI-scores

Waar triage vroeger gebeurde door een arts en een urgentieverpleegkundige beslist nu de triageverpleegkundige welke patiënten het snelst door een urgentie-arts moeten worden gezien. Dat gebeurt gestandaardiseerd volgens de Emergency Severity Index (ESI). Met dit internationaal gebruikte triagesysteem kan je binnen de vijf minuten de ernst en urgentie van de situatie inschatten. In moeilijke gevallen wordt de hulp van de medisch floormanager ingeschakeld. Naargelang de symptomen, de klachten en de klinische blik krijgt de patiënt een ESI-score toegewezen. 

Snellere resultaten, meer overlevingskansen

Twee vragen zijn bepalend tijdens deze triage: ‘Wanneer moet de patiënt ten laatste door een urgentie-arts gezien worden?’ en ‘Welke middelen zijn nodig om een gepaste diagnose te stellen?’ 

ESI-1 (code rood): Onmiddellijke levensreddende handelingen zijn noodzakelijk. De patiënt wordt onmiddellijk door een arts gezien.
ESI-2 (code oranje): Ernstige letsels, hoog-risicosituatie. De patiënt wordt idealiter binnen de 10-30 minuten door een arts gezien.
ESI-3 (code geel): Stabiele parameters, maar uitgebreid nazicht nodig. De patiënt wordt idealiter binnen 1 uur door een arts gezien.
ESI-4 (code groen): Stabiele parameters, vermoedelijk één behandeling of onderzoek nodig. De patiënt wordt idealiter binnen 2-3 uur door een arts gezien.
ESI-5 (code blauw): Stabiel, vermoedelijk geen verder onderzoek noodzakelijk. De patiënt wordt idealiter binnen 4-5 uur door een arts gezien.

Dorien Demunter, adjunct-hoofdverpleegkundige
Urgentiedienst

Dorien Demunter (adjunct-hoofdverpleegkundige): “Met gevalideerde protocollen en staande orders kan de urgentieverpleegkundige meteen starten met bloedafname, ECG of radiologisch onderzoek van hand, pols of voet. Dat levert cruciale tijdswinst en dus overlevingskansen op. Om ondertriage te beperken, pasten we de ESI-codering gericht aan. Bij alle patiënten meten we systematisch temperatuur, hartslag, bloeddruk en andere vitale parameters. Zo kan het team ESI-1- en ESI-2-patiënten sneller en adequater detecteren.”

Kleurcodes visualiseren hoogdringendheid

De artsen en verpleegkundigen op onze dienst Urgentie doen hun uiterste best om zo snel mogelijk elke patiënt te zien. In het elektronisch patiëntendossier (KWS) wordt aan elke ESI-score ook een vaste kleurcode toegekend. Bij code 
rood wordt de patiënt onmiddellijk doorgestuurd naar de arts, bij blauw maximaal binnen de 5 uur. De kleurcodes visualiseren dus niet alleen de hoogdringendheid 
van de zorg, maar geven het zorgpersoneel ook een indicatie van de vermoedelijke wachttijd per patiënt.

Triagefolder en online druktemeter

Ook duidelijke info is belangrijk om de flow optimaal te beheersen. 

Kris Malefason, zorgmanager kritieke diensten.

Kris Malefason (zorgmanager kritieke diensten): “Patiënten begrijpen soms moeilijk waarom iemand die later binnenkomt sneller wordt geholpen. In onze triagefolder – beschikbaar in de wachtzaal en online – leggen we uit dat niet het tijdstip van aankomst telt, maar de urgentie. We vragen om 112 enkel te bellen bij ernstige of levensbedreigende situaties en adviseren bij andere klachten eerst de huisarts te contacteren." 

Als derde ziekenhuis in Vlaanderen plaatste het AZ Sint-Maria ook een CEDOCS-druktemeter op de website. "Zo krijgt de patiënt vooraf een indicatie van drukte en wachttijden op de dienst Urgentie. Dat spreidt de zorgvraag en houdt zorg beschikbaar voor wie die het meest nodig heeft", aldus Kris Malefason.